Frans A2: dagelijks Frans

600 woorden en vaste combinaties voor alledaagse situaties, in twintig lijsten van dertig: van faire les courses tot se débrouiller.

Deel 2 van Frans lerenNiveau A2Frans → Nederlands27 lijsten · 705 woordenOnderdeel van PlusEerste lijst gratis✓ Samengesteld door Woordenleren.nl
Voor wie

Wie de Franse basiswoorden kent en verder wil: onderbouw voortgezet onderwijs en zelfstudie na A1

Start gratis

Gratis account, geen betaalgegevens nodig — je oefent de eerste lijst meteen.

Ik heb al een account

Wat leer je in deze module

Op A1 heb je geleerd hoe dingen heten. Op A2 komt daar iets bij wat het Frans pas echt bruikbaar maakt: vaste combinaties. Je zegt niet "faire une décision" maar prendre une décision, niet "avoir juste" maar avoir raison. Wie alleen losse woorden kent, bouwt zinnen die op papier kloppen maar vreemd klinken.

Vier lijsten zijn daar helemaal aan gewijd, en dat is er één meer dan bij Engels — het Frans is op dit punt nu eenmaal rijker. Je leert de combinaties met faire, met avoir, en met prendre, mettre en donner. En dan de belangrijkste lijst van de module: de wederkerende werkwoorden. Se lever, se dépêcher, s'occuper de, se rendre compte — dat zijn er niet veel, ze komen overal voor, en je kunt ze niet uit hun delen afleiden. Ze staan hier mét hun se, want zonder dat voornaamwoord is zo'n werkwoord half geleerd.

Daarna gaat het over je eigen leven: afspreken en plannen, gevoelens, je mening geven, mensen beschrijven. Vervolgens de praktijk — wonen, koken, geld, school en werk, de dokter, onderweg, vakantie en internet — en tot slot de wendingen waarmee je een zin bouwt: il faut, il vaut mieux, être en train de. Je ziet het Frans en typt het Nederlands, en bij een combinatie typ je de hele Nederlandse tegenhanger: bij faire les courses dus boodschappen doen.

Dit kun je straks

  • Je kent de vaste combinaties met faire, avoir, prendre, mettre en donner
  • Je gebruikt de wederkerende werkwoorden die in elke Franse dag voorkomen
  • Je redt je in alledaagse situaties: afspreken, wonen, winkelen, naar de dokter
  • Je bouwt zinnen met il faut, il vaut mieux en être en train de

Wat zit erin

Gesprekjes en beleefdheidGratisFransNederlands · 30 woorden
Over jezelf en je leven🔒FransNederlands · 30 woorden
Vaste combinaties met faire🔒FransNederlands · 30 woorden
Vaste combinaties met avoir🔒FransNederlands · 30 woorden
Vaste combinaties met prendre, mettre en donner🔒FransNederlands · 30 woorden
Wederkerende werkwoorden voor elke dag🔒FransNederlands · 30 woorden
Afspreken, plannen en op tijd zijn🔒FransNederlands · 30 woorden
Gevoelens en stemming🔒FransNederlands · 30 woorden
Zeggen wat je vindt🔒FransNederlands · 30 woorden
Mensen beschrijven🔒FransNederlands · 30 woorden
Wonen en huishouden🔒FransNederlands · 30 woorden
Eten, koken en uitgaan🔒FransNederlands · 30 woorden
Geld, winkelen en bezorgen🔒FransNederlands · 30 woorden
School, werk en bijbaan🔒FransNederlands · 30 woorden
Gezondheid en de dokter🔒FransNederlands · 30 woorden
Onderweg: vertraging en verbinding🔒FransNederlands · 30 woorden
Op vakantie en overnachten🔒FransNederlands · 30 woorden
Internet, telefoon en media🔒FransNederlands · 30 woorden
Il faut, il vaut mieux en andere wendingen🔒FransNederlands · 30 woorden
Woorden die je zinnen verbinden🔒FransNederlands · 30 woorden
Herhaling: het gesprek op gang🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: de vaste combinaties🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: zeggen wat je voelt en vindt🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: thuis: wonen, koken en kopen🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: school, werk en gezond blijven🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: onderweg en op vakantie🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: online en alles verbinden🔒FransNederlands · 15 woorden

Proef alvast een paar woorden

Woord 1 van 5
comment allez-voushoe gaat het met u

Zo werkt het

  1. 1Start gratisMaak een gratis account aan — zonder betaalgegevens.
  2. 2Oefen de eerste lijstDe eerste lijst van deze module is jouw gratis kennismaking, met slimme herhaling en directe feedback.
  3. 3Verder met PlusBevalt het? Met Plus oefen je de volledige module en alle andere modules, met leerplan en inzichten.

Meer over woordjes leren

Hoe pak je deze woorden het slimst aan? Op deze pagina's lees je hoe anderen het doen.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil met Frans A1?

A1 leert je hoe dingen heten: la voiture is de auto. A2 bouwt daarop voort met alledaagse woorden én met vaste combinaties, want in echt Frans staan woorden zelden alleen. Je leert dus niet alleen le rendez-vous, maar prendre rendez-vous.

Waarom staat er se voor sommige werkwoorden?

Dat zijn wederkerende werkwoorden, en het se hoort er onlosmakelijk bij. Se lever betekent opstaan, maar lever alleen betekent optillen. Door het voornaamwoord vanaf het begin mee te leren, maak je die fout later nooit.

Moet ik Frans A1 eerst doen?

Dat hoeft niet, maar het helpt wel. In A2 komt geen enkel woord uit A1 terug, dus je begint hier met de laag erboven. Twijfel je? Bekijk lijst 1 van A1: ken je die woorden vlot, dan kun je meteen met A2 beginnen.

Overlapt dit met Frans op reis?

Nauwelijks. Frans op reis is een korte module voor de vakantie zelf, met le train, l'hôtel en l'addition. In A2 pakken we de laag daarboven: vertraging, overstappen, volgeboekt en van tevoren reserveren.

Hoe word ik overhoord?

Je typt het antwoord zelf, precies zoals bij een toets. De app kijkt direct na, laat moeilijke woorden vaker terugkomen en houdt bij welke woorden je al beheerst.

Is dit gratis?

De eerste lijst van deze module oefen je gratis met een gratis account. De volledige module hoort bij Plus.

Probeer Frans A2: dagelijks Frans vandaag nog

Maak gratis een account en oefen de eerste lijst meteen — zonder betaalgegevens.

Start gratis