Frans B2: woorden die samen horen

600 vaste verbindingen en abstracte woorden in twintig lijsten van dertig: je zegt geen faire une conclusion maar tirer une conclusion.

Deel 4 van Frans lerenNiveau B2Frans → Nederlands27 lijsten · 705 woordenOnderdeel van PlusEerste lijst gratis✓ Samengesteld door Woordenleren.nl
Voor wie

Wie vlot Frans leest en schrijft maar natuurlijker wil klinken: bovenbouw havo/vwo, examenkandidaten en zelfstudie na B1

Start gratis

Gratis account, geen betaalgegevens nodig — je oefent de eerste lijst meteen.

Ik heb al een account

Wat leer je in deze module

Een woord kennen is niet hetzelfde als weten hoe je het gebruikt. Je weet wat une conclusion is, maar trek je die of maak je die? In het Frans trek je hem: tirer une conclusion. Je stelt geen vraag maar werpt hem op: soulever une question. Dit is de laag waarop je Frans natuurlijk gaat klinken in plaats van correct-maar-vreemd.

Zes lijsten draaien om die vaste verbindingen, en dan gaat het om het zwaardere register — de lichte combinaties met faire, avoir en prendre heb je in deel 2 al gehad. Hier leer je wat je met een conclusie en een vraag doet, hoe je bewijs aandraagt, hoe je invloed en verband benoemt, en hoe je een besluit uitvoert en verantwoordt. Eén lijst springt eruit: de werkwoorden met hun vaste voorzetsel. Dat voorzetsel is geen bijzaak maar de betekenis zelf — manquer à betekent gemist worden door iemand, manquer de betekent gebrek hebben aan. Wie dat paar niet als paar leert, kiest vroeg of laat het verkeerde.

Daarna acht lijsten over precisie en abstractie: le cadre, le critère, la portée, en het verschil tussen obtenir en avoir. En tot slot zes domeinen waar deze taal thuishoort: debat, werk, wetenschap, economie, beleid en academisch schrijven. Je ziet het Frans en typt het Nederlands, en bij een verbinding typ je de hele Nederlandse tegenhanger.

Dit kun je straks

  • Je weet welk werkwoord bij welk zelfstandig naamwoord hoort: tirer une conclusion, soulever une question
  • Je kiest het juiste voorzetsel, want manquer à is niet manquer de
  • Je gebruikt abstracte begrippen als le cadre, le critère en la portée op hun plek
  • Je leest en schrijft een verslag of betoog zonder te struikelen over de vaste wendingen

Wat zit erin

Wat je met une conclusion en une question doetGratisFransNederlands · 30 woorden
Bewijs, onderzoek en aantonen🔒FransNederlands · 30 woorden
Invloed, gevolg en verband🔒FransNederlands · 30 woorden
Aandacht, belang en bewustzijn🔒FransNederlands · 30 woorden
Beslissen, uitvoeren en verantwoorden🔒FransNederlands · 30 woorden
Werkwoorden met hun vaste voorzetsel🔒FransNederlands · 30 woorden
Abstracte begrippen🔒FransNederlands · 30 woorden
Van werkwoord naar zelfstandig naamwoord🔒FransNederlands · 30 woorden
Aannames en standpunten🔒FransNederlands · 30 woorden
Aantonen, erkennen en aangeven🔒FransNederlands · 30 woorden
Mate, kans en voorbehoud🔒FransNederlands · 30 woorden
Formeel versus alledaags🔒FransNederlands · 30 woorden
Meten, beoordelen en vaststellen🔒FransNederlands · 30 woorden
Nuance in beschrijving🔒FransNederlands · 30 woorden
Debat en tegenspraak🔒FransNederlands · 30 woorden
Werk en organisatie🔒FransNederlands · 30 woorden
Wetenschap en techniek🔒FransNederlands · 30 woorden
Economie en markt🔒FransNederlands · 30 woorden
Beleid, ethiek en bestuur🔒FransNederlands · 30 woorden
Academisch schrijven🔒FransNederlands · 30 woorden
Herhaling: wat je met je woorden dóét🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: aandacht, besluiten en voorzetsels🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: de taal van het verslag🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: standpunten en zekerheid🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: formeel, meten en nuance🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: debat en organisatie🔒FransNederlands · 15 woorden
Herhaling: de domeinen🔒FransNederlands · 15 woorden

Proef alvast een paar woorden

Woord 1 van 5
tirer une conclusioneen conclusie trekken

Zo werkt het

  1. 1Start gratisMaak een gratis account aan — zonder betaalgegevens.
  2. 2Oefen de eerste lijstDe eerste lijst van deze module is jouw gratis kennismaking, met slimme herhaling en directe feedback.
  3. 3Verder met PlusBevalt het? Met Plus oefen je de volledige module en alle andere modules, met leerplan en inzichten.

Meer over woordjes leren

Hoe pak je deze woorden het slimst aan? Op deze pagina's lees je hoe anderen het doen.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil met Frans B1?

B1 geeft je de losse precisiewoorden: la preuve, la conséquence, l'obstacle. B2 leert je wat je ermee doet. Je zegt in het Frans niet faire une conclusion maar tirer une conclusion, en niet donner une influence maar exercer une influence.

Waarom een hele lijst over voorzetsels?

Omdat het voorzetsel in het Frans de betekenis draagt. Jouer à is een spel spelen, jouer de is een instrument bespelen; tenir à is gehecht zijn aan, tenir de is lijken op een familielid. Dat leer je alleen als paar, en daarom staan ze hier naast elkaar.

Waarom minder combinatielijsten dan in het Engels?

Omdat Frans A2 er al vier had: faire, avoir, prendre en de wederkerende werkwoorden. De lichte combinaties zijn dus al gedaan. Wat hier overblijft is het zwaardere register, en dat vult vijf lijsten met kwaliteit in plaats van acht met vulling.

Moet ik B1 eerst doen?

Het helpt sterk, want B2 bouwt letterlijk op die woorden voort. Geen enkel woord uit deel 1, 2 of 3 komt hier terug — je leert hier alleen wat eromheen staat.

Hoe word ik overhoord?

Je typt het antwoord zelf, precies zoals bij een toets. De app kijkt direct na, laat moeilijke woorden vaker terugkomen en houdt bij welke woorden je al beheerst.

Is dit gratis?

De eerste lijst van deze module oefen je gratis met een gratis account. De volledige module hoort bij Plus.

Probeer Frans B2: woorden die samen horen vandaag nog

Maak gratis een account en oefen de eerste lijst meteen — zonder betaalgegevens.

Start gratis